Levenslange follow-up

Na een succesvolle schildklierkankerbehandeling is het voor patiënten mogelijk om een relatief normaal leven te leiden.

Ookal heeft schildklierkanker meestal een goede prognose, toch is het niet uit te sluiten, dat de schildklierkanker in enkele gevallen terugkeert (een zogenaamd recidief). Dan is het wel belangrijk om de diagnose vroeg te stellen. Regelmatige controle speelt hier een belangrijke rol.

De controles worden bij de endocrinoloog uitgevoerd. Deze controles vinden in de eerste tijd na het afsluiten van de behandeling relatief dicht op elkaar plaats.  Later worden de perioden tussen deze controle-onderzoeken groter (jaarlijks) – met name als er geen symptomen of andere tekenen voor het opnieuw optreden van de ziekte zichtbaar worden. De wijze en omvang van de nazorgonderzoeken stemt de arts op de individuele situatie van de patiënt af. De arts houdt daarbij met name in de gaten, hoe ver de tumor op het moment van de diagnose zich al ontwikkeld had en welke behandeling werd uitgevoerd. 

De arts kan de volgende testen uitvoeren:

  • Tg meting
  • Echo van de nek
  • Scintigrafie van het gehele lichaam

Tg bloedtest

De belangrijkste bloedwaarde bij de follow-up van schildkliercarcinoom is thyreoglobuline (=Tg), een eiwit, dat alleen door schildkliercellen geproduceerd wordt. Tg is een tumormarker. Na een succesvolle eerste behandeling (operatie en ablatie) dient de Tg-waarde bijna 0 te zijn. Wanneer deze Tg spiegel te hoog is,duidt  dit op restant van schildkliercellen. Wanneer er bij de follow up een oplopende Tg waarde in het bloed gevonden wordt, suggereert dit groei en moeten verdere diagnostische maatregelen overwogen worden.

Een Tg-meting wordt door bloedafname in het laboratoriumuitgevoerd. Om de Tg-waarde te bepalen kan het  belangrijk zijn om voor de meting een hoge concentratie  TSH in het lichaam te hebben. Zoals ook bij de ablatie, kan deze hoge TSH concentratie bereikt worden door het toedienen van recombinant TSH of door het onttrekken van schildklierhormoon. In beide gevallen spreekt men van een gestimuleerde Tg-meting.

Echo van de nek

Naast de Tg-meting kan ook een echo van de hals gemaakt  worden. De echo van de hals is het meest gevoelige onderzoek voor het detecteren van lokale recidieven. 

Scintigrafie van het gehele lichaam

Een scintigrafie van het gehele lichaam is een beeldvormend proces in de diagnostiek. Met name bij de eerste nazorg/ follow-up na de ablatie kan een scintigram van het gehele lichaam worden uitgevoerd, dat restweefsel, recidieven en uitzaaiingen (metastasen) na de opname van radioactieve stoffen met een gamma-camera zichtbaar maakt. Het principe van de nucleaire diagnostiek, lijkt op de ablatie. Het verschil is dat er  minder jodium-131-activiteit  gebruikt wordt. Hierbij wordt geen  weefsel vernietigd maar is het doel een afbeelding te maken. De mogelijk aanwezige  schildkliercellen of schildklierkankercellen moeten ook hiervoor hongerig voor jodium gemaakt worden. Een kunstmatige verhoging van de TSH Spiegel kan op twee manieren bereikt worden. Door het toedienen van rhTSH of dmv onttrekken van schildklierhormoon. Twee tot drie dagen na het innemen van de radioactief jodium capsule wordt met behulp van een gamma-camera een scintigram van het gehele lichaam gemaakt. Op dit moment hebben de eventueel aanwezige cellen het radioloactief jodium opgenomen en de gammastraling van jodium-131 kan in een afbeelding worden weergegeven. Vindt men plekken, waar de straling geconcentreerd is, dan is dit een teken dat daar actieve schildkliercellen zijn. Dan zal de behandelend arts verdere relevante diagnostische en therapeutische maatregelen treffen.