Behandeling

  • Voor de ablatieve radioactief jodiumbehandeling (kort: ablatie) wordt het radioactieve element jodium-131 (131I) als capsule toegediend. Jodium-131 is een bèta- en een gamma-straler. Betastralen zijn zeer energierijk, maar hebben een geringe reikwijdte. Zo kunnen nucleair geneeskundigen de tumor doelgericht bestrijden zonder omliggend weefsel aan te tasten. Na het innemen moeten de patiënten een paar dagen in quarantaine op het nucleair geneeskundig centrum verblijven om andere personen tegen de radioactieve straling te beschermen. Acute bijwerkingen zijn meestal zwellingen in het bereik van de operatie door jodiumopname in resterende schildkliercellen, soms zwellingen van de speekselklieren en ook maagklachten. Andere symptomen zoals moeheid, uitputting, minder belastbaarheid of stemmingswisselingen houden verband met een mogelijke hypothyreoidie.
    Of zich later chronische bijwerkingen ontwikkelen, hangt van het aantal radioactief jodiumbehandelingen en de hoogte van de toegediende jodium-131 dosis af. Herhaalde radioactief jodiumbehandelingen kunnen tot een chronische ontsteking van de speekselklieren leiden, de patiënt merkt een droge mond op met smaakveranderingen en heeft een verhoogd risico op cariës. Patiënten met een droge mond dienen een versterkte controle op cariës te krijgen. Een mogelijke droogheid van de traanklieren kan met name voor dragers van contactlenzen effect hebben



    Bij mannen die nog kinderen willen krijgen, bij wie eventueel meerdere radioactief jodiumbehandelingen te verwachten zijn, kan het invriezen van zaadcellen een zinvolle maatregel zijn. Want door meerdere radioactief jodiumbehandelingen kan het aantal zaadcellen verminderen. Het effect is echter meestal van voorbijgaande aard, maar soms toch permanent. Bij vrouwen zijn de rustende eicellen robuuster en beter tegen radioactief jodium bestand. Toch treedt bij vrouwen na meerdere radioactief jodiumbehandelingen de menopauze ongeveer een jaar vroeger op.

  • Met een behandeling met rhTSH kunnen de onaangename bijwerkingen voorkomen worden: Daarbij wordt de TSH-spiegel door het toedienen van rhTSH (= recombinant humaan TSH), een biotechnologisch vervaardigd hormoon, korte tijd snel verhoogd. Twee giften van het rhTSH worden op twee opeenvolgende dagen voorafgaand aan de radioactief jodiumbehandeling in de  bilspier geïnjecteerd.. De medicatie van schildklierhormoon wordt of continu ingenomen of slechts korte tijd, over enkele dagen verspreid. Dit bespreken patiënten met de behandelend nucleair geneeskundige.